Op de gevel van het stadhuis prijken 38 standbeelden. Met de allegorieën solidariteit, rechtvaardigheid, onderwijs, moederschap, wetenschap, elektriciteit, kunst, handel en nijverheid, onderlinge bijstand en vele andere, is het stadhuis een geloofsbelijdenis in vooruitgang en beschaving.

Gevelontwerp van het stadhuis, met de plaats van de standbeelden Tekening van architect Albert Dumont (1853-1920).

De vier beelden in Carrara marmer staan van links naar rechts voor Werk van Julien Dillens (1849-1904), Onderwijs van Jacques de Lalaing (1858-1917), Rechtvaardigheid van Jacques de Lalaing en Recht van Julien Dillens.

voor de eretrap, een detail van de sokkel voor de lantaarns, die intussen zijn verdwenen, van Auguste Puttemans (1866-1927).

De allegorie van de tram door Jacques Marin (1877-1950).
Victor Rousseau, ongetwijfeld de meest getalenteerde van de generatie na Dillens en Lambeaux.Als beeldhouwkunst een zaak is van lichaam, vlees en begeerte, dan is Victor Rousseau daar de bard van.

Victor Rousseau (1865-1954), Solidariteit, 1901-1904, witsteen van Euville, gevel van het stadhuis.

Victor Rousseau, Solidariteit, 1901-1904, gips, ontwerp voor de gevel van het stadhuis.